Martha de vrijwilligster

Martha deed vrijwillig werk
in een nieuw verpleeghuis.
‘t Was gevraagd vanuit de kerk,
Martha voelde zich er thuis.
Zij bezocht er de cliënten,
dronk een kopje koffie mee.
Dankbaar en het kost geen centen
en stemt menigeen tevree.

Wat een vrouw, wat een prachtig mooi voorbeeld
van wat aan veel mensen ontbreekt.
Ja, zo’n vrouw dat is nu een toonbeeld,
waarvan elke dominee preekt.
Biedt warmte en ook naastenliefde,
want daarom draait het nu net.
En het hoeft ook niets meer te kosten,
dan eens per jaar een kerstpakket.

Martha hielp bij ‘t eten geven,
etenstijd was altijd druk.
Bracht wat vreugde in het leven,
en dat gaf ook wat geluk.
Bingo spelen, Bijbelkringen,
Martha deed het allemaal.
Voorlezen en liedjes zingen,
Martha vond het heel normaal.

Wat een vrouw, wat een prachtig mooi voorbeeld
van wat aan veel mensen ontbreekt.
Ja, zo’n vrouw dat is nu een toonbeeld,
waarvan elke dominee preekt.
Biedt warmte en ook naastenliefde,
want daarom draait het nu net.
En het hoeft ook niets meer te kosten,
dan eens per jaar een kerstpakket.

Nu is Martha tachtig jaren
en voelt zich nog reuze sterk.
Zij is niet meer te bedaren,
doet nog steeds vrijwil’ gerswerk.
Iedereen is haar erg dankbaar,
maar toch wordt ze slecht beloond.
Tochstaat zij voor iedereen klaar,
in het huis waar zij nu woont

Wat een vrouw, wat een prachtig mooi voorbeeld
van wat aan veel mensen ontbreekt.
Ja, zo’n vrouw dat is nu een toonbeeld,
waarvan elke dominee preekt.
Biedt warmte en ook naastenliefde,
want daarom draait het nu net.
En het hoeft ook niets meer te kosten,
zelfs niet eens meer …………een  kerstpakket.

© Hans Cieremans

Ontspoorde mantelzorg

Ik kan haast niet meer,
ik zorg en ik pieker.
Jij gaat achteruit
en wordt alsmaar zieker.
Nachten en dagen,
blijf jij aandacht vragen.
Ik loop op mijn toppen,
het maakt me doodmoe.
‘k Verlang zo naar rust,
ik ben er aan toe.
Maar ‘k wil je niet kwijt,
‘t is alles zo dubbel.
En jij zit daar maar
in jouw eigen bubbel.

Jij wordt opgenomen,
‘t is niet te vermijden.
Intens verdrietig,
dat geldt voor ons beiden.
‘k Was vaak ongeduldig
en voel me soms schuldig.
Ik houd het niet vol,
schiet ik nou tekort?
Want dat voelt soms zo,
wanneer jij boos wordt.
Maar liefje luister,
dit is geen leven.
‘t Is beter jouw zorg
uit handen te geven.

‘Je hebt gelijk’,
dat zeggen de mensen.
Maar ik zou het zelf
graag heel anders wensen.
De oude dag slijten
zonder verwijten.
Lief en leed delen
tot aan het eind.
Maar al dat delen,
is weg, het verdwijnt.
Ik heb echt geen keus,
ik kan het niet aan.
‘Kom pak je jas schat,
we moeten nu gaan’.

© Hans Cieremans

 

 

Als ………..dan

Als de storm de namen wegrukt,
die je vasthoudt in je hart.
Als het ritme van het leven
dagen met de nacht verwart.
Als de tranen niet meer drogen
en de zon niet langer schijnt.
Dan blijf ik toch van je houden,
blijft mijn liefde overeind.

Als de leegte geen licht toelaat,
heeft de schaduw zelfs geen kans.
Als de kleuren niet meer stralen
zijn de ogen zonder glans.
Als verlangen niet meer hunkert
en de hartstocht verder kwijnt.
Dan blijf ik toch van je houden,
blijft mijn liefde overeind.

Als herinneringen smelten
en verdampen in de lucht.
Als het denken hult in nevel
en de tijd is op de vlucht.
Als herkenning gaat verdwalen
en wat was in mist verdwijnt.
Dan blijf ik toch van je houden,
blijft mijn liefde overeind.

© Hans Cieremans

 

Ouderliefde

(Alleen de liefde behoedt ons voor vergeten Dietrich Bonhoeffer)

Niets is sterker dan de liefde,
maar ze is ook kwetsbaar, broos.
Liefde kent soms ook haar grenzen,
maar is meestal grenzeloos.

Liefde duurt soms maar heel even,
Maar duurt  vaker voor altijd.
Onvoorwaardelijke liefde,
die bestaat in eeuwigheid.

Onvoorwaardelijk is liefde,
van de ouders voor hun kind.
Zelfs als kinderen ontsporen,
worden zij door hen bemind.

Want hun liefde kent geen grootspraak
en geen zelfgenoegzaamheid.
Zij schenken oprechte liefde,
aanvaard die met dankbaarheid.

Ja, hun liefde is geduldig
en is wars van jaloezie.
Van geloof en hoop en liefde
is ‘t de sterkste van de drie.

Niets scheidt kind’ren van hun liefde,
‘t is altijd en onbegrensd.
Dus de mooiste wens ter wereld:
‘Ouderliefde toegewenst’.

En als ouders gaan vergeten,
geplaagd door de tand des tijds.
Laat dan aan de ouders weten:
‘Liefde is ook wederzijds’.

(De tekst is mede geïnspireerd door 1 Korinthe 13 uit de Bijbel)

© Hans Cieremans

Na het afscheid

Het kerkhof ademt
de rust en de stilte,
een vogeltje hipt over ‘t grint.
De nevel trekt op,
en verdrijft zo de kilte,
er staat een zacht briesje wind.

Ik kijk bij je graf
naar de bloemen en kransen,
schaduwrijk achter de heg.
De zon komt erdoor,
de troostvlinders dansen.
‘k Ben bij je, toch ben je weg.

Wat is het vreemd,
het voelt haast weldadig,
zo’n plek van menselijk leed.
Soms is de dood
heel bevrijdend, genadig,
soms ook onmenselijk wreed.

Ze zeggen: ‘Je moet het
een plekje gaan geven’.
Waar die plek is, weet ik niet.
Ik moet jouw verlies
in mijn leven verweven,
die ruimte geeft aan mijn verdriet.

Het kerkhof ademt
de rust en de stilte.
Vlinders raken uit het zicht.
De nevel trekt op
de zon verdrijft kilte.
De vogel vliegt weg naar ‘het licht’.

© Hans Cieremans

Het labyrint

In het labyrint,
dwars door weer en wind,
dwaalt hij door verwarde tijd.
Hij is bang en moe,
weet niet waar naartoe
op de weg van vergetelheid.

Tot hij bij de uitgang is,
van het ondoordringbaar bos.
Vrijkomt uit de duisternis,
op die dag laat ik hem los.

Tragisch wonderlijk,
ondoorgrondelijk
zijn de paden van zijn gemis.
Plassen overal,
in zijn tranendal
op zijn weg vol met hindernis.

Tot hij bij de uitgang is,
van het ondoordringbaar bos.
Vrijkomt uit de duisternis,
op die dag laat ik hem los.

In het labyrint,
dwars door weer en wind,
dwaalt hij doelloos en zonder zin.
Tot hij straks misschien,
weer het licht zal zien
in een vredig en nieuw begin

Dan kan hij weer vlinderen.
Los, bevrijd van zijn cocon.
Niets kan hem meer hinderen,
ginds achter de horizon.

© Hans Cieremans

Rust en vrede

Is de dood een vriend geworden,
waar het eerst een vijand was,
door het uitzichtloze lijden,
waar geen mens ooit van genas.
Waarom zou je dan niet kiezen
voor ontmoeting met een vriend?
Die je rust geeft met de vrede,
die je dan gewoon verdient.

Is het leven geen geschenk meer,
zoals jij het eertijds kreeg.
Dan behoeft de lijdensbeker,
toch niet tot de bodem leeg?
Is het lijden onvermijdbaar,
is ‘t barmhartigheid dat telt
en dan is het te begrijpen,
dat het einde wordt versneld.

Maar als tijd de geest vertroebelt,
en in schemering verhult,
is de keus niet meer te maken,
past slechts liefde en geduld.
Tot de schemer zal gaan wijken
blijft vertwijfeling bestaan.
Maar aan ‘t eind zal rust en vrede
ook die mensen niet ontgaan.

© Hans Cieremans

 

 

Eigen regie

Eigen regie,
dat is het streven.
Zelfredzaamheid
in heel je leven.
Zelf gaan bepalen,
doelen behalen.
Alles bereiken,
volgens een plan.
Het leven is mooi,
als je dat kan.
Eigen regie,
‘t lijkt vanzelfsprekend.
Pas als je het mist,
voel je wat ‘t betekent

Eigen regie, het klinkt ideaal,
maar ‘t is niet aan ieder gegund.
Zelf regisseren ‘t lijkt vaak zo normaal,
maar wat als je dat niet meer kunt?

Jezelf kleden,
jezelf wassen,
zelfstandig eten,
zelfstandig plassen.
Zelf iets gaan kopen,
zelfstandig lopen.
Zelfstandig lezen,
zelf naar je bed.
Koffie gaan drinken,
die zelf is gezet.
Zelf kunnen kiezen,
zo vanzelfsprekend.
Pas als je het mist,
weet je wat het betekent.

Eigen regie, het klinkt ideaal,
maar ‘t is niet aan ieder gegund.
Zelf regisseren ‘t lijkt vaak zo normaal,
maar wat als je dat niet meer kunt?

Eigen regie,
dat is het streven
in het verpleeghuis,
waar veel mensen leven.
Hulp bij het wonen,
hulp bij verschonen.
Hulp bij ‘t eten,
hulp aan ‘t bed.
Hulp bij ‘t lopen
en op het toilet
Eigen regie,
niet vanzelfsprekend,
want als je het mist
weet wat het betekent.

Eigen regie, het klinkt ideaal,
maar ‘t is niet aan ieder gegund.
Zelf regisseren is niet zo normaal,
Vooral als je zelf niet meer kunt.

© Hans Cieremans

Eigen regie

Jans ging naar haar huisarts toe,
voor een goed gesprek.
Want zij vergat ontzettend veel
en dat vond zij maar gek.
De arts zei: ‘Dat is Alzheimer,
maar dat is geen probleem.
We sluiten een mobieltje aan
op ons alarmsysteem.

U mag mij altijd bellen hoor,
of stuurt u maar een app.
Dan kom ik wel eens bij u langs
als ik er tijd voor heb.
Zo kunt u blijven wonen,
fijn in uw eigen huis.
En dat is altijd beter toch,
dan een verpleegtehuis?’

Jans ging verward t’ rug naar huis,
‘t mobieltje in haar tas.
maar hoe werkt appen en mobiel ,
ze wist niet wat dat was.
Ze raakte het mobieltje kwijt,
en nam een sigaret.
Die rookte ze toen vol gevaar
uitgeput in bed.

Ja,  Jans vergat haar sigaret,
de boel vloog in de brand.
En Jans wist niet wat zij moest doen,
zo liep het uit de hand.
Jans haar huisje brandde af,
zij werd op tijd gered
Nu ligt zij helemaal rookvrij
op een verpleeghuisbed.

Daar kwam toen een zuster langs,
voor een goed gesprek.
Die zei: ‘Hier bent u veilig hoor,
U bent hier op uw plek.
En als u mij soms nodig hebt,
dan is dat geen probleem.
Kijk op dit mobieltje hier
vindt u ‘t alarmsysteem.

U mag ook altijd bellen hoor
of stuurt u maar een app.
Dan kom ik vast wel bij u langs
als ik er tijd voor heb.
En denkt u aan de regels hier,
dus ook aan ‘t rookbeleid.
Geef mij uw sigaretten maar,
‘t is voor uw veiligheid’.

Er lag op Jans haar  kamertje
een kleurig infoblad,
waarin stond dat je regie
over ‘t eigen leven had.
Maar Jans versleet haar leventje
zonder regie op bed.
En zocht dan af en toe vergeefs
naar een sigaret.

© Hans Cieremans

 

 

 

Voltooid leven

Vertederend beeld:
Een traan op haar wangen.
Een vredig gevoel,
berustend verlangen.
Fragiel en breekbaar,
niet meer aanspreekbaar,
zo ligt zij daar,
het einde nabij.
Straks komt verlossing,
dan is ze weer vrij.
Haar ‘ik’ diep verzonken,
ze maakt zich reisvaardig.
‘t Is indrukwekkend,
ontroerend en waardig.

Sereen is de rust,
kaarsjes die branden.
Ouderdomsvlekken
sieren haar handen.
Daar ligt ze zo kalm,
muziek van een psalm.
Het naderend afscheid
staat voor de deur.
‘t Rimp’ lig gezicht
verandert van kleur.
Haar voeten zijn koud,
gebroken haar ogen.
De traan op haar wangen
is langzaam gaan drogen.

Dan komt het moment,
dat adem zal stoppen.
Haar hart vol met liefde
zal niet langer kloppen.
Zij is overleden
en  rust nu in vrede.
Dat heeft ze verdiend,
er is nooit meer pijn.
Is er een hemel,
dan zal ze daar zijn.
De liefde, de passie
die zij heeft gegeven,
maakt ‘t afscheid goed,
van haar voltooid leven.

© Hans Cieremans