dementie is……

Dementie is los gaan laten
van wat je hebt opgebouwd.
Dementie is afscheid nemen,
van datgeen waarvan je houdt.
Dementie, dat is vergeten
van de tijd waarin je leeft.
Dementie is af gaan nemen
van wat leven nog zin geeft.

Dementie is vragen stellen,
waar je ‘t antwoord niet voor hebt.
Dementie is ‘eigen wereld’,
‘samen’ is daar weg geëbd.
Dementie is accepteren,
wat zo onaanvaardbaar is.
Dementie is grip verliezen,
op een wereld vol gemis.

Dementie is onmacht voelen,
niet meer weten waar je bent.
Dementie is confronterend,
dat je mensen niet herkent.
Dementie is niet te keren,
een ontluisterend proces.
Dementie is mensonterend,
een keiharde levensles.

Maar ook……..

Dementie is liefde geven,
met geduld en met respect.
Dementie is mensen troosten,
wat rust en vertrouwen wekt.
Dementie is pijn verzachten,
ook al voelt het heel alleen.
Dementie is ook jouw glimlach,
dwars door alle tranen heen.

© Hans Cieremans

 

 

Ga niet weg

Geschreven op de melodie van: ‘Telkens weer’ van Willeke Alberti
https://www.youtube.com/watch?v=irptvbUHz5k

Ga niet weg, als ik onrustig ben,
als ik wartaal spreek, als ik je niet herken.
Ga niet weg, als ik de tijd vergeet,
als ik me eenzaam voel, als ik niet meer weet.
Dus ga niet weg, want ik ben zo bang
voor de duisternis,
die bij me is.
Blijf dicht bij mij, ik ken geen heg of steg.
Blijf daarom bij me, ga niet weg.

Ga niet weg, als ik soms lelijk praat,
als ik jou niet snap, als het mij ontgaat.
Ga niet weg, als ik steeds weer faal,
als ik soms huilen moet, als ik zoek en dwaal.
Ga niet weg, houdt me stevig vast,
in de duisternis,
die bij me is.
Houdt mij nou vast, hoor naar wat ik zeg:
‘Houdt me vast nu, ga niet weg’.

Dus ga niet weg, ik heb je nodig nu
in de duisternis,
die in mij is.
Blijf dicht bij mij, tot ik mijn hoofd neerleg.
Blijf zolang bij me, ga niet weg

© Hans Cieremans

samen op weg

Als de weg niet meer herkend wordt,
als de mist de tijd verjaagt,
als geliefden vreemden worden,
als herinnering vervaagt.
Als je eigen ik gaat dwalen
door de gaten in je brein.
Als je levenszin gaat wank’ len,
dan zal ik er voor je zijn.

Want ik wil je niet verliezen,
door de chaos in je hoofd.
‘k Houd je vast met onze liefde,
waar jij met mij in gelooft.
Ik ga met jou in je zoektocht,
door het bange tranendal,
als een baken, als een houvast,
wat ik voor je blijven zal.

Samen gaan we door jouw wereld,
waar jouw levenszin verbleekt.
Tot jij niet meer hoeft te dwalen,
zonlicht door de mist heen breekt.
Daar mag jij dan uit gaan rusten
en hoewel ik je dan mis,
gun ik jou een mooie wereld,
die eens weer van samen is.

© Hans Cieremans

pluk de dag

De arts gaf hem de prognose
van zijn slechte diagnose,
want dat was een uitzichtloze
en het beukt er keihard in.
‘‘k Heb de uitslag goed bekeken,
het geheugen kent gebreken
en u heeft zo is gebleken:
Alzheimer in het begin.

Ik begrijp het, dat is schrikken.
maar u moet zich er in schikken
en de bitt’ re pil dus slikken
ook al is de boodschap rot.
Alzheimer is niet te keren
en ook moeilijk te verteren,
maar u moet het accepteren
en berusten in uw lot.

Ga genieten, neem vakantie,
‘k Geef voor toekomst geen garantie,
ik stuur u naar een instantie,
die bekend is met uw kwaal.
Daar ontvangt u vast adviezen,
probeer moed niet te verliezen,
ga voor leuke dingen kiezen,
dan blijft u het langst vitaal.

Nou, tot ziens het allerbeste,
voor de tijd die u zal resten
en laat die nu niet verpesten.
Pluk de dag, nu het nog kan’.
‘Pluk de dag’, da’s makk’lijk praten,
je moet alles los gaat laten,
je geheugen komt vol gaten,
‘Pluk de dag’ is niet meer lang.

© Hans Cieremans

 

12 mei

De verzorging, de verpleging,
mensen van de dagbesteding,
therapeuten voor beweging,
werken voor de medemens.
Artsen, koks en psychologen
en de andere agogen,
werken allemaal bevlogen
met hun hart en zonder grens.

Schoonmakers en therapeuten,
geestelijken en techneuten,
boekhouders en farmaceuten,
iedereen verdient een pluim.
Disciplines vaak bescheiden,
helpen mensen in hun lijden
en verdienen dus bij tijden
allemaal een dikke duim.

Af en toe een klein presentje
een gebakje, complimentje,
iedereen met zijn talentje,
twaalf mei dat is hun dag.
Om daar extra aan te denken,
om daar aandacht aan te schenken,
om waardering bij te tanken
beloon dan hun werkgedrag.

© Hans Cieremans.

 

jij bent hetzelfde en toch ben je anders

Jij bent hetzelfde en toch ben je anders,
ik snap vaak niet wat je bedoelt.
Soms ben je vrolijk en dan weer verdrietig
ik weet niet waarom jij zo voelt.
Zo onvoorspelbaar, zo wispelturig,
het is daardoor moeilijk voor mij.
Jij hebt me nodig, maar hoe kan ik helpen,
zo onbereikbaar dichtbij?

Jij bent hetzelfde en toch ben je anders,
ik versta niet wat je zegt.
Vaak is het wartaal en is het niet helder
en dan begrijp ik je slecht.
Dan word je boos, soms ga je huilen
en voel ik: ‘Ik schiet tekort’
De toekomst met jou is onzeker geworden,
ik vraag me af hoe dat wordt.

Jij bent hetzelfde en toch ben je anders,
omdat je de weg niet meer vindt.
Vroeger waren wij gelijkwaardig,
maar nu ben je net als een kind.
De weg door het leven liepen wij samen,
door dik en dun al die tijd.
Maar jij bent verdwaald, ik kan je niet vinden,
zodat die weg van ons scheidt.

Jij bent hetzelfde en toch ben je anders,
maar ik blijf zoeken naar jou.
Dwars door de mist, gemengde gevoelens,
mijn onmacht, want ik hou van jou.
Liefde kan onze wegen niet scheiden,
al ben ik hier en jij daar.
Ik in mijn wereld en jij in de jouwe,
de liefde brengt ons bij elkaar.

© Hans Cieremans

moederdag

Moeder krijgt zondag haar advocaatje,
zoals dat vroeger ook was.
Ze likt alles leeg tot op de bodem,
haar vinger verdwijnt in het glas.
Moederdag, feest met heel de familie
het wordt een gezellige boel.
En toch is  het anders dan voorgaande jaren,
het feest geeft een dubbel gevoel.

Alles lijkt vrolijk, maar is ook verdrietig,
een feest met een lach en een traan.
Moeder is niet meer de moeder van vroeger,
Alzheimer heeft dat gedaan.
Moederdag nu wordt misschien wel haar laatste,
ze gaat razendsnel achteruit.
Haar geest is verward en moeder wordt stiller,
ze is niet meer de oude flapuit.

Moederdag is een dag om te vieren,
doe dat zo lang als je kunt.
Een advocaatje, haar lievelingsbloemen,
zolang de tijd het haar gunt.
Moederdag zal eens herinnering worden,
dan brand je een kaarsje wellicht.
En breng je bloemen naar haar laatste rustplaats,
de fles advocaat blijft dan dicht.

© Hans Cieremans

 

 

de kracht van de stilte

Hoe veelzeggend is de stilte,
die je zonder woord verstaat?
Woorden zijn vaak overbodig
als de stilte tot je praat.
Als gevoel geen woord kan vinden,
is het stilte dat verzacht.
Waar de woorden voor ontbreken,
daar toont stilte juist zijn kracht.

Stilte, dat is zwijgend delen
van een diep doorleefde pijn.
Stilte is de roep om aandacht,
om gewoon nabij te zijn.
Luister samen naar de stilte
en voel die aanwezigheid.
Stilte is oprecht en troostend
in een ongelijke strijd.

Zo veelzeggend is de stilte,
als je het de ruimte geeft.
’t Geeft verbondenheid en warmte,
als het samen wordt beleefd.
Het deelt tranen, deelt de glimlach,
het deelt liefde voor elkaar.
Ook als wegen moeten scheiden,
ook al is het leven zwaar.

©Hans Cieremans

 

 

Medeleven

Goede raad, steun en adviezen,
allemaal heel goed bedoeld.
’t Is gemeend het medeleven,
maar men weet niet hoe het voelt.
Hoe het voelt dat mijn geliefde
oorzaak is van al mijn stress.
Hoe het voelt me weg te cijf’ ren
bij zijn dementieproces.

Al mijn ingehouden woede,
valse schaamte en verdriet.
Al mijn onmacht, al mijn wanhoop,
is er iemand die dat ziet?
Al mijn dubbele emoties,
mijn verbittering, mijn pijn,
onterechte schuldgevoelens,
die altijd aanwezig zijn?

Hij eist al mijn energie op,
‘k zet mijzelf steeds buiten spel.
Hij vraagt van mij alle aandacht,
dat begrijp ik ook best wel.
Maar het maakt me ook verbitterd,
‘k voel me eenzaam, moedeloos.
En ik kan het echt niet helpen,
soms word ik ontzettend boos.

En dan krijg ik weer adviezen,
goed bedoeld en zeer oprecht.
En al luister ik aandachtig,
het is makkelijk gezegd.
Want de waarheid is toch anders,
ook al word ik opgepept.
Je kunt mijn gevoel pas snappen,
als je ’t zelf ervaren hebt.

© Hans Cieremans

trauma

Als wij onze vrijheid vierden,
jaarlijks op de vijfde mei,
kwamen bij hem angstgedachten
aan de oorlog steeds voorbij.
Zijn ervaring van de kampen,
werd indringend herbeleefd.
Zijn arts zag hij als de kamparts,
zolang hij nog heeft geleefd.

Zijn beleving werd versterkt
door zijn dementiesyndroom.
Hij zag razzia’s en beelden
van een vluchtelingenstroom.
En de zusters uniformen,
waren kampkleren van toen.
Zo was hij terug in de oorlog
in ’t verpleeghuispaviljoen.

Zwaar gestrest zat hij te trillen
door het trauma dat hij had.
De verpleging die begreep niet
hoe de oorlog in hem zat.
Achter de gesloten deuren
zag hij buiten in de zon,
kampleiding voorbij marcheren
in het Duitse peloton.

Vijf mei vieren wij  de vrede,
zijn we dankbaar, zijn we vrij.
Voor die man in ‘t verpleeghuis,
ging de oorlog nooit voorbij.
Zijn traumatische ervaring,
raakte hij ook nooit meer kwijt.
Tot zijn laatste ademhaling,
want toen werd hij pas bevrijd.

© Hans Cieremans