leven en de dood

Onafscheidelijk,
onvermijdelijk,
hoort bij ’t leven ook de dood.
‘t Is een schril contrast,
aan elkander vast,
al wat leeft is een deelgenoot.
’t Leven kent beperkte tijd,
tijd van leven is begrensd.
Dood kent enkel eeuwigheid,
niet geliefd, soms ook ‘gewenst’.

‘t Is mysterieus,
mooi of desastreus,
is er leven na de dood?
Denk jij: ‘Er is niets’
of: ‘Misschien wel iets’,
Of denk jij: ‘Die kans is groot’.
Doodgaan is een zekerheid,
dat doet immers iedereen.
Men zegt: ‘Je gaat uit de tijd’
daar kan ‘t leven niet omheen.

Onafscheidelijk,
onvermijdelijk,
hoort bij ’t leven ook de dood.
‘t Is een schril contrast,
aan elkander vast,
Al wat leeft is een deelgenoot.
Of na het leven toekomst is,
een gisteren of vandaag?
Dood blijft een geheimenis,
zolang je leeft een open vraag.

© Hans Cieremans

het eindstation

Eens kom je bij het eindstation
met nog wat stervelingen
Daar kom je op een leeg perron
met slechts ‘herinneringen’.
Het is het einde van een reis,
nu moet je uit gaan checken
je bent behoorlijk van de wijs
wat ga je nu ontdekken?

Als je door de poortjes gaat,
kom je aan gene zijde.
Daar komt een ieder vroeg of laat
Dat is niet te vermijden.
Maar wat krijg je daar te zien?
geeft het geheimen prijs?
Is er domweg niets misschien?
Of  toch een heel mooi paradijs?

Er is maar slechts één zekerheid
je kunt niet meer retour.
Je blijft hier voor de eeuwigheid
voor terug is geen vervoer.
Dus hoop maar op een paradijs
met bloemen, kleuren, vrede,
dan wordt de allerlaatste reis
niet voor niets gereden.

© Hans Cieremans

 

chronisch ziek

Je bent chronisch ziek,
maar je houdt van het leven,
al ben je behoorlijk beperkt.
Je wordt met veel zorg
en met liefde omgeven
en ondanks alles: Dat werkt.
Toch zijn er momenten
dan ben je opstandig
dan ben je verdrietig en boos.
Vroeger was je gewoon zelfstandig,
nu ben je gewoon machteloos.

De mensen die zeggen:
‘Blijf toch genieten
van alles wat je nog kunt.
Dat geeft kwaliteit aan je leven
dat is je van harte gegund’.
Je weet dat dat waar is
je moet het aanvaarden,
het gaat om je eigen gerief,
wat je nog kunt,
dat heeft altijd waarde
al ben je nu palliatief.

Ze kunnen alleen
nog symptomen bestrijden.
Genezing is slechts utopie.
Maar je hoeft niet
enkel zinloos te lijden,
aan pijn en tekort energie.
Hoe lang je leeft
kan niemand bepalen.
al vind je het soms ook een zooi
Probeer wat nog kan
uit het leven te halen:
‘Het leven is en blijft mooi’.

© Hans Cieremans

pluk de dag

Niemand weet hoe lang we leven,
maar ach, tel je dagen niet.
‘Zorg maar dat je dagen tellen,
pluk de dag, leef en geniet’.
Maar wat moet je met zo’n uitspraak,
bij verdriet en tegenslag?
Hoe kan je dan nog genieten
en hoe pluk je dan de dag?

Het verdriet en tegenslagen
zijn vaak bij ons dag en nacht
waar we treuren om de dingen
die eens vreugd hebben gebracht.
Heel vaak gaat het om geliefden,
die van ons zijn heen gegaan.
en dat overkomt ons allen.
’t Is het lot van ons bestaan.

Vreugd zit in herinneringen
van een nooit vergeten tijd.
Niemand kan je die afnemen,
het verzacht de werk’lijkheid.
Leef met die herinneringen
met een traan en met een lach,
En laat zo je dagen tellen,
want zo pluk je elke dag.

© Hans Cieremans

ouderdom

‘k Voel dat ik je steeds meer kwijt raak
aan die stomme dementie.
Hoewel ik voor jou wil zorgen,
’t kost me steeds meer energie.
Ik ben ook niet meer de jongste
en ik ben heel vaak doodmoe.
Wat ik mij steeds vaker afvraag:
‘waar leidt deze weg naartoe?’

Hoelang is dit vol te houden,
straks ga ik er onderdoor?
Want de grens is haast bereikt hoor
en daar pas ik liever voor.
‘k Heb het met de arts besproken,
want het gaat niet langer thuis.
En de dokter zei: ‘Het beste,
dat is het verpleegtehuis’.

Dat advies was niet verrassend,
maar het sloeg in als een bom.
dat ons dit moet overkomen,
‘k vraag me aldoor af: ‘Waarom?’
Bovendien voel ik me schuldig,
ik schiet met mijn zorg tekort.
Maar intussen weet ik ook wel,
dat het nooit meer beter wordt.

Ik heb slapeloze nachten,
maar ik heb, denk ik, geen keus.
Ik moet jou op laten nemen,
en dat doet me pijn, ja heus.
Samen zijn we oud geworden
en dat wilden we heel graag.
Maar of oud zijn nou zo fijn is,
blijft toch altijd maar de vraag.

© Hans Cieremans

acceptatie

Na de zware diagnose
zeiden wij tegen elkaar.
‘Kom we gaan er tegen vechten,
want wie weet is het niet waar’.
Wij konden het niet geloven
eerst getwijfeld en ontkend.
Maar intussen weet ik beter,
omdat jij er niet meer bent.

Mensen zeggen: ‘Accepteer het,
‘k snap het is een groot gemis’.
Maar hoe moet ik accepteren,
wat niet acceptabel is?
Ze zeggen dat ik moet berusten,
dat verdriet uiteind’ lijk slijt,
dat kan ik nu niet geloven,
dit verdriet raak ik nooit kwijt.

Mensen willen  me graag troosten,
wat totaal ontroostbaar lijkt.
Dat is lief, maar ‘k voel mijn twijfel:
Wat wordt met die troost bereikt ?
‘Heb vertrouwen, echt we helpen’,
zeggen mensen goed bedoeld.
Maar dan word ik soms opstandig:
‘Ach, je weet niet hoe het voelt.’

Maar het leven geeft geen keuze,
dat wat vreugd gaf ging kapot.
Wat slechts blijft is ‘Acceptatie
en me schikken in het lot’.
Mensen zeggen: ‘Accepteer het,
‘k snap het is een groot gemis’.
En zo moet ik gaan beseffen
dat dit de harde waarheid is.

© Hans Cieremans

kerstmis uit mijn jeugd

Vroeger was de Kerst heel anders,
sober en traditioneel,
Nu is Kerst heel overdadig
seculier en commercieel.
ik mis bij het ouder worden,
soms de eenvoud van die tijd,
Kerstmis bij de kolenkachel,
met gezinssaamhorigheid.

Gipsen beeldjes in de Kerststal
echte kaarsjes in de boom.
En het was bijna bijzonder
als je kaarsjes had op stroom.
Ieder jaar sprak Juliana
steevast op de radio.
Uit het distributiekastje
klonken ‘groeten uit Davos’.

Men had nog geen televisie
en ook zelden telefoon.
Dus we gingen ganzenborden,
het geluk was heel gewoon.
Ook zongen we samen liedjes
van het Kindje in de stal
en van ‘Nu sijt wellecome’
en ‘het licht schijnt overal’.

Feestelijk was ook het eten,
Kerstrollade, rode kool,
En we vierden met z’n allen
Kerstfeest met de zondagsschool.
Daar kreeg je een sticht’ lijk boekje
van ‘het huisje in de sneeuw’.
Ach, zo ging het jaren vijftig
van de nu voorbije eeuw.

Zo verlang ik soms met weemoed
naar de Kerst van vroeger tijd.
Naar die vroegere tradities,
eenvoud en gezelligheid.
’t Waren kostbare momenten,
die ik liefdevol onthoud,
in ’t besef dat tijd niet stilstaat
en zo wordt ik langzaam oud.

© Hans Cieremans

kind zijn in de jaren vijftig

De bakker bij ons aan de deur
was van der Meer & Schoep.
Een ulevel of polkabrok,
zo heette onze snoep.
Ons bad dat was een zinken teil
de kachel werd gestookt
met kolen uit de kolenkit,
die werden opgepookt.

Het touwtje uit de brievenbus,
was toen heel normaal.
je zat met veertig kinderen
in één klaslokaal.
Schoolmelk drinken was verplicht,
onsmakelijk en vet
En slapen deed je met elkaar
in een stapelbed.

Er waren toen klaar-overtjes
voor de oversteek.
Een kwartje voor het schoolfonds,
betaalde je per week.
Op zondag naar de zondagsschool
met mooie kleren aan.
En thuis luisterde je Pinkeltje
van meneer Dick Laan.

Je speelde buiten ‘bussie trap’
of ‘diefie met verlos’
Je speelde met je stelten
of met touwtjes door een klos.
Het was een hele mooie tijd
Ik had een fijne jeugd.
Onbekommerd, simpel,
veilig en vol vreugd.

© Hans Cieremans

boodschap van ouder aan kind

Lieve kind, je moet niet huilen,
want ik kan er niets aan doen.
Door die rottige Alzheimer,
ben ik nu niet meer als toen.
Ja, Alzheimer is heel erg
maar het ergst van dementie,
is niet dat ik ga vergeten
maar dat ik jou verdrietig zie.

Want verdriet van eigen kind’ ren,
breekt mijn hart en doet me pijn
Ouders willen dat hun  kind’ ren
gezond en gelukkig zijn.
‘k Weet, jij ziet mij ook verand’ ren
en daar horen tranen bij.
Maar die tranen zie ik niet graag,
als die tranen zijn voor mij.

Daarom kind, moet je niet huilen
denk aan mij zoals ik was,
aan de liefde die we deelden,
en het altijd groene gras
Leef met de herinneringen,
waardoor jij wordt opgebeurd.
Glimlach en gun mij mijn rust straks,
je hebt lang genoeg  getreurd.

Eens dan leef ik in jou verder,
ben ik van mijn angst bevrijd.
Blijf gezond en wees gelukkig
in de jouw geschonken tijd.
Ga genieten, vier het leven,
blijf niet hangen in de pijn.
En vertel me dat het mooi was
als we ooit weer samen zijn.

© Hans Cieremans