troostvlinder

Lief, klein kleurrijk vlindertje,
ontpopt uit je cocon,
wat fladder je hier vrolijk rond
in de zomerzon.
Soms zit je maar heel even stil,
op een ligusterheg.
Daar spreid je wijd je vleugels uit,
daarna vlieg je snel weg.

Lief, klein kleurrijk vlindertje,
dansend in de wind.
Je zijdezachte vleugeltjes
zijn zo fraai getint.
Ondanks je korte leventje,
maak je mensen blij.
Want als een mens verdrietig is,
dan fladder je voorbij.

Lief, klein kleurrijk vlindertje,
straks vlieg je naar het licht.
Ik kijk je na zolang ik kan,
dan raak je uit het zicht.
Jij bracht me in verwondering,
nadat je bent ontpopt.
Symbool van liefde en van troost,
van leven dat nooit stopt.

© Hans Cieremans

 

De ouderdom komt met gebreken

Je toekomst wordt korter,
je wereld wordt kleiner.
Want je wordt ouder
en pijntjes die zijn er.
Je bent geen klager,
maar het gaat trager.
Je kunt niet meer alles,
geef dat maar toe.
Je moet meer gaan rusten,
je bent sneller moe.
Je kracht die vermindert,
je krijgt in de gaten:
‘De leeftijd verplicht je
om los te gaan laten.’

Je moet daardoor vaker
je grenzen verleggen.
Je moet noodgedwongen
leuke dingen ontzeggen.
Je kunt niet ontkennen,
je moet er aan wennen.
Het hoort bij het leven,
dat valt soms niet mee.
De kwaaltjes die komen
van lieverlee.
Zo lever je in
bij ’t klimmen der jaren.
De tol van het oud zijn
is niet te besparen.

Je kijkt achterom
en minder naar voren.
Je denkt aan geliefden,
die jij hebt verloren.
Je kent hun verhalen,
hun ouderdomskwalen.
Als jij zoiets krijgt,
dan hoop je vooral,
dat je verstand
goed blijven zal.
Zo pieker je voort,
maar stop toch met klagen.
Blijf positief
en pluk al je dagen’.

© Hans Cieremans

Regenboogvlag

Regenboogvlag,
met al je kleuren,
jij bent een symbool,
jij opent deuren
voor minderheden,
die strijden en streden.
Voor acceptatie
van ieder zijn aard.
Voor meer erkenning,
zij zijn het waard.
Jij bent het vaandel,
voor mensen die vechten,
voor vrijheid in liefde
en gelijke rechten.

Regenboogvlag
met al je kleuren,
Vertel je verhaal,
desnoods uitentreuren.
Zijn er tegenstanders,
denken zij anders?
Wapper trots door,
door wind en weer.
Geen mens ter wereld,
haalt jou ooit neer.
Jouw boodschap is:
Wij zijn gelijkwaardig.
En wie niet luistert
is dom, onrechtvaardig.

Regenboogvlag
met al je kleuren.
De strijd verliezen
zal nooit gebeuren
Al is het lastig,
jij staat standvastig
op het stadhuis,
de kroeg of de kerk.
Waar je ook staat,
je staat altijd sterk.
Want jij staat voor liefde,
voor emancipatie,
voor diversiteit
en voor integratie.

© Hans Cieremans

 

 

Hier in ons land (n.a.v. de Nashville verklaring)

Hier in ons land
kunnen homo’s gaan trouwen
en daarmee is echt niks mis.
Samen uit liefde
een nestje gaan bouwen,
omdat die liefde er is.
En als je wil, een kind adopteren,
ondanks het zinloos protest.
Dat zegt ook een Christen,
die durft te beweren:
‘God vindt het allemaal best’.

Hier in ons land
zijn wij gelijkwaardig,
een veilig en sterk fundament
Alle bezwaar
maakt velen strijdvaardig,
want je mag zijn wie je bent.
Trouw in de kerk,
als jij dat zou willen,
als het voor jou waarde heeft.
En wees juist dankbaar
voor alle verschillen,
die God aan ons mensen geeft.

Hier in ons land
mag je protesteren,
dat is in de Grondwet een recht.
Maar ‘t is verboden,
te discrimineren
en dat is niet meer dan terecht.
Homo of lesbisch,
transgender of het’ro,
voor God bestaat geen verschil.
Want God is liefde,
dus is het goed zo,
het komt overeen met Zijn wil.

© Hans Cieremans

Maakbaarheid

Wereldwijd berichten delen,
skypen, twitteren en mailen,
online shoppen, online spelen,
powerpoint met mooie sheets.
Surfen, gamen en bankieren
of een partner gaan versieren,
de techniek kan hoogtij vieren,
de vooruitgang staat voor niets.

Maakbaar maken van het leven,
dat past in ons welvaartsstreven.
Heel de mensheid wordt gedreven,
tot waar sky de limit is.
Ruimte vol met satellieten,
breken van de tijdslimieten,
toch is maakbaarheid een mythe,
al sinds mensenheugenis.

Want de mensheid is beperkt
en die mening wordt versterkt,
als je de tekorten merkt
in het dagelijks journaal.
Honger, oorlog, ongelukken,
rampen waar we onder bukken,
toekomstdromen gaan aan stukken,
dat zien wij toch allemaal.

Men kan technisch innoveren
en ook optimaliseren.
Maar we moeten accepteren,
maakbaarheid dat heeft een grens.
Ondanks knappe professoren,
gaat het leven eens verloren
en dat weet je van tevoren,
’t is het lot van ieder mens.

© Hans Cieremans

De waterstoker

Vroeger liep hij op sandaaltjes,
in zijn veel te korte broek,
met een stuiver in zijn handje,
naar een winkel op de hoek.
Daar mocht hij wat uit gaan zoeken,
polkabrokken of zoet hout
of zwart-wit om op te likken,
grote droppen dubbelzout.

‘t Winkeltje, de waterstoker
werd gerund door een meneer
in een lange witte stofjas.
‘t Winkeltje bestaat niet meer.
Daar zit nu al lang een snackbar,
waar de jeugd zich samen klit.
Maar nog steeds als hij er langs loopt
denkt hij t’ rug aan zijn zwart-wit.

Eens was hij een kleine jongen
droprestanten om zijn mond,
blij met een Bazooka plaatje,
dat hij bij de kauwgom vond.
Ach, zo was dat na de oorlog,
die was nog maar net voorbij.
Wie weet nu nog van het snoepgoed
uit de waterstokerij?

En als hij zo zit te mijm’ ren,
komt zijn kleinzoon op bezoek.
Op zijn stoere jongensschoenen
in een hippe lange broek.
‘Opa, lust je een patatje?
en zo ja, zeg dan maar hoe,
wil je een patatje oorlog?
Ik ga naar de snackbar toe’.

© Hans Cieremans

Zwarte Pieten koorts

Zwarte Piet is ernstig ziek,
hij is totaal van streek.
Waarschijnlijk is hij terminaal,
hij ziet ontzettend bleek.
Hij lijdt aan ‘Zwarte Pieten koorts’,
da’s heel besmettelijk.
Hoe hij is geïnfecteerd?
Sint denkt opzettelijk

Zwarte Piet snoept haast niet meer,
heeft heel veel marse pijn.
Hij heeft geen overlevingskans,
althans die kans is klein.
Het virus dat hardnekkig is,
woekert stevig door.
En er zijn op dit moment
geen medicijnen voor.

Dat Zwarte Piet het loodje legt,
dat lijkt haast buiten kijf.
Nieuwe Pieten rukken op
in het Sint-bedrijf.
Een nieuwe generatie Piet,
we wennen er wel aan.
Laat Zwarte Piet, hoe droevig ook,
dan maar in vrede gaan.

‘Zwarte Pieten koorts’ is wreed,
dat overleef je nooit.
Er komt een steen waarop dan staat:
‘Piet is hier uitgestrooid’.

© Hans Cieremans

 

Het land van ‘Ikke-ikke’

In het land van ‘ikke-ikke’
kunnen anderen fijn stikken,
want ikke hoeft niks te pikken,
alleen ikke heeft gelijk.
En het kan ikke niks schelen,
als ze anderen bestelen.
Het verhaal van eerlijk delen,
is in ikke-land ‘gezeik’.

Ikke-ikke is het beste,
ikke laat dat niet verpesten,
door die sociale nesten,
waardoor ikke word bedreigd.
Ikke zal ze laten stoppen,
laat ze eigen boontjes doppen,
‘t Landsbelang gaat naar de knoppen,
als een ander ook iets krijgt.

Ikke-ikke zal nooit wijken,
voor de anderen die zeiken.
Ikke wil zichzelf verrijken,
ook al moet dat onbeheerst.
Ikke-ikke moet het winnen,
ikke-ikke loopt dan binnen
en dat moet vandaag beginnen.
‘Ikke-ikke is het eerst’.

© Hans Cieremans

 

Oss

Een bloemenzee
vlak langs de treinbaan.
Knuffels en kaarsen,
mensen die stil staan.
Geschokte getuigen,
toekomst in duigen.
Beklemmende stilte,
geluid van de straat.
Een angstige droom,
die werk’ lijk bestaat.
Onrealistisch,
niet te bevatten
plannen voor later,
die uit elkaar spatten.

Een bloemenzee
vlak langs de treinbaan.
Linten, gedichten,
mensen die doorgaan.
Droevig, bewogen,
tranende ogen.
Blikken vol afschuw,
zonder een woord.
Alleen vier namen,
die je daar hoort.
De zon gaat onder,
dan is de nacht er.
De stille straat
laat een bloemenzee achter.

Een bloemenzee
vlak langs de treinbaan.
Een nieuwe dag,
de zon zal weer opgaan.
Mensen die kijken,
dagen verstrijken.
Bloemen verwelken,
ze blijven niet lang.
De trein van het leven
komt weer op gang.
Hij rijdt over sporen,
met wissels en seinen
soms laat hij een spoor na,
dat nooit zal verdwijnen.

© Hans Cieremans

Een bos ‘Vergeet-me-nietjes’

Muziek en zang van Femke Japing

In een bos vergeet-me-nietjes
zit een schat aan potpourrietjes
van wel honderdduizend liedjes,
over liefde en geluk.
Die we samen kunnen zingen
over alledaagse dingen,
over rozen en seringen,
bloemen die ik voor jou pluk.

In een bos vergeet-me-nietjes
zitten af en toe verdrietjes
en intieme causerietjes
over bloemen en de bij.
Over plannen en ideetjes
en romantische dinertjes,
over veel en over beetjes,
over samen ik en jij.

In een bos vergeet-me-nietjes
zitten soms ook melodietjes
over kleine akkevietjes,
over ruzietjes en spijt.
Nu de bloemetjes gaan hangen
en door nieuwe zijn vervangen
ken ik weemoed en verlangen
naar die goeie ouwe tijd.

© Hans Cieremans