gedwongen keuze

Ik heb geen keus,
ik moet er mee leven,
anders loopt het straks fout.
Ik moet het zorgen
uit handen gaan geven,
ondanks dat ik van je houd.
Ik laat je los,
je gaat naar ’t verpleeghuis,
‘t is geen keus, maar een ‘must’.
We worden gescheiden,
ik ben straks alleen thuis,
’t is beter voor jouw en mijn rust.

Maar het valt zwaar
jou achter te laten,
ik hoop dat het daar beter wordt.
Ze houden jou daar
heel goed in de gaten
en je komt daar niets tekort.
Ik wou het liefst
dat jij hier kon blijven,
maar dat kan niet meer hoor.
Want al jouw onrust
is niet te beschrijven
en ik ga er zo onderdoor.

Ik heb geen keus,
ik moet er mee leven,
oh, wat gaat het toch vlug.
Je gaat naar ’t verpleeghuis,
je bent ingeschreven,
er is geen weg meer terug.
Laten we gaan,
de taxi wacht buiten.
Kom maar, dit is ons lot.
Ik ga met je mee,
‘k zal alles afsluiten,
ik doe de deur wel op slot.

© Hans Cieremans

belangrijk

Heeft jouw geliefde dementie
en word je niet herkend.
Dan betekent dat nog niet,
dat jij vergeten bent.
En als hij/zij achterdochtig is
en jou niet vertrouwt.
Dan betekent dat nog niet,
dat hij/zij niet van je houdt.

Heeft jouw geliefde dementie
en doet hij/zij boos misschien.
Dan betekent dat nog niet,
dat hij/zij jou niet wil zien.
En als hij/zij je verdrietig maakt,
omdat hij/zij ’t niet meer weet.
Dan betekent dat nog niet,
dat hij/zij ’t met opzet deed.

Heeft jouw geliefde dementie,
hij/zij in verwarring leeft.
Dan betekent dat hij/zij wel
jouw aandacht nodig heeft.
Zijn/Haar leven is niet makkelijk,
met ‘t stempeltje ‘Dement’.
Dus betekent het heel veel,
dat jij er voor hem/haar bent.

Heeft jouw geliefde dementie
en word je niet herkend.
Dan betekent dat toch niet,
jij hem/haar vergeten bent?
En als hij/zij achterdochtig is
en jou niet vertrouwt.
Laat dan jouw geliefde zien,
dat jij veel van hem/haar houdt.

© Hans Cieremans

Dag- en nachtritme

‘k Lig in bed en jij ligt naast me
‘k pieker elke nacht een poos.
Want om jou maak ik me zorgen,
terwijl jij doorslaapt als een roos.
En pas als ik haast in slaap val,
meestal rond een uur of twee,
dan word jij onrustig wakker
en moet jij naar de wc.

Dan kan jij ‘t  toilet niet vinden
en dan plas je in de gang.
’t Maakt me boos en ook wanhopig,
omdat ik naar rust verlang.
Dan ga ik maar weer opruimen,
pak een emmertje met sop.
En terwijl jij door het huis dwaalt,
denk ik: ‘Wanneer houdt dit op?’

Want het is zo doodvermoeiend,
al jouw onrust maakt me gek.
Overdag haal jij je slaap in,
ik heb chronisch slaapgebrek.
Het is echt niet vol te houden,
zolang jij nog naast me ligt.
Want ik pieker en moet waken
en ik doe geen oog meer dicht.

Geloof mij, ik houd heel veel van je,
maar zo kan ik niet lang door.
‘k Heb soms lelijke gedachten,
en daar schaam ik me wel voor.
Want soms denk ik: ‘Als ’t zo doorgaat,
ben ik straks ook ingestort’.
En dan hoop ik, heel gemeen hoor,
dat jij nooit meer wakker wordt.

© Hans Cieremans

het oude liedje

Zij herinnert zich de dingen
uit een lang vervlogen tijd.
Maar wat gisteren gebeurd is,
is ze nu volledig kwijt.
Zij gaat terug naar haar verleden,
deze tijd kent ze niet meer.
Ze praat altijd over vroeger,
en zingt liedjes van weleer.

‘Waar de blanke top der duinen’,
‘onder moeders paraplu’,
‘Hollands vlag je bent mijn glorie’,
zong ze vroeger, zingt ze nu.
Vreemd dat alles in het heden
in een mum is weggezakt.
Maar haar lang termijngeheugen
is nog redelijk intact.

Zoveel liedjes uit ’t verleden,
die passeren de revue.
’t Geeft haar ondanks haar verwardheid
levenszin in ‘t ‘hier en nu’.
Ik richt mij op haar beleving
en zing mee waar ik het kan.
En zo niet, dan zingt ze solo,
’t liedje van ‘de orgelman’.

Soms dan dansen we een walsje,
telt ze mee, van ‘één, twee, drie’.
Ze geniet van al mijn aandacht,
dat verzacht haar dementie.
Ik probeer me in te leven,
in de wereld waar zij leeft.
Daarin is muziek d’ emotie,
die haar veel voldoening geeft.

© H. Cieremans

 

.

 

geluk

Kon ik jou nog maar helpen,
kon ik nog maar iets doen,
kon ik de tijd maar terugdraaien
naar de tijd van toen.
Wat leefden we gelukkig toen,
in volle harmonie.
Maar dat geluk is nu voorbij
door jouw dementie.

Samen staan we machteloos,
‘t Geluk stortte ineen.
Samen in twee werelden,
samen heel alleen.
Geluk dat is niet zo gewoon,
je bent het zomaar kwijt.
Dan is het slechts herinnering
van een verleden tijd.

Dat geluk heel kostbaar is,
besefte ik te laat.
Geluk dat moet je koesteren,
geluk dat komt en gaat.
Ons geluk veranderde
in verdriet en pijn.
Maar ondanks dat het tranen kost,
zal ik er voor je zijn.

© Hans Cieremans

Alzheimermist

Als de zon niet door kan breken,
door de opgekomen mist,
worden kleuren van je leven
als het ware uitgewist.
Alles lijkt dan wel hetzelfde,
uitzichtloos en somber, grijs.
waar je zomaar kunt verdwalen
op een zware levensreis.

Als je uitzicht wordt belemmerd
doordat mist hardnekkig blijft.
En je tevergeefs blijft hopen,
dat de mist weer over drijft.
Dan verandert heel je leven,
word je eenzaam en alleen.
Maar het treft ook je geliefden,
want die mist treft iedereen.

Laat geliefden je dan leiden,
op de weg waar jij verdwaalt.
Naar de plaats van je bestemming,
waar de zon voor altijd straalt.
Laat daar je geliefden achter,
die ook moe zijn van de reis.
Geef ze jouw herinneringen,
zij verdienen ook een prijs.

Als de zon is doorgebroken
door de opgetrokken mist,
worden kleuren van het leven
als het ware opgefrist.
Is er uitzicht, nieuwe toekomst,
ook al ben je weg gegaan.
Je reist mee in de herinn’ ring,
waar de liefde blijft bestaan.

© Hans Cieremans

de gebroken heup

Moeder heeft haar heup gebroken,
toen ze struikelde op straat.
‘k Heb de dokter net gesproken,
maar ik twijfel aan zijn raad.
‘Ik kan haar wel opereren,
maar als ik de breuk zo zie,
gaat u ook wel veel riskeren,
want ze heeft ook dementie.

Zal de breuk zich wel herstellen?
Da’s waar ik me zorg om maak.
Dat gebeurt kan ik vertellen,
met dit beeld maar al te vaak.
Want haar kwaliteit van leven,
staat hier nu wel op het spel
Zekerheid kan ik niet geven,
want wie weet herstelt ze wel.

Als uw moeder weer gaat dwalen,
gaat het zonder meer verkeerd.
En de kans is ook aanwezig,
dat ze niet revalideert.
Ik kan wel haar pijn bestrijden,
daar kan ik wel in voor staan,
maar het is niet te vermijden,
als ze er aan dood zal gaan’.

Wat moet ik? Ik moet beslissen.
Een lijdensweg? Dat voor geen geld.
Maar ik wil haar ook niet missen
en wie weet dat zij herstelt.
Wat is wijsheid, ik moet kiezen,
wat is tegen, wat is voor?
Maar zelfs na lange analyse,
weet ik het nog steeds niet, hoor.

© Hans Cieremans

 

 

kiezen

Schuldgevoelens, schaamte, twijfel
overvallen mij constant.
Luister ik naar mijn gevoelens
of gebruik ik mijn verstand?
Moet ik jou op laten nemen,
omdat het steeds zwaarder wordt?
Of is dat te egoïstisch,
schiet mijn zorg aan jou tekort?

’t Is een vreselijk dilemma,
want ik laat je niet graag gaan.
Maar als ik kijk naar mezelf,
dan kan ik het niet meer aan.
En als jij wordt opgenomen,
dan is dat definitief.
Mag ik je dat nou wel aandoen?
Want ik heb je nog steeds lief.

Ik beloofde trouw te blijven
in de voor- en in tegenspoed.
Door die rottige Alzheimer
staat dit op gespannen voet.
Daarom voel ik me heel schuldig
als je zo het huis uitgaat.
Nee, dat zit me echt niet lekker,
het voelt als een soort verraad.

Ik ga morgen naar de dokter,
‘k heb een afspraak kwart voor elf.
Ik weet al wat hij gaat zeggen:
‘Denk vooral nu aan jezelf’.
Toch blijft het dilemma duivels,
want geen keuze voelt er goed.
Maar wat is dan de minst slechte?
‘k Weet niet wat ik kiezen moet.

© Hans Cieremans

 

 

het land van ‘Nooitmeer’

In het land van ‘Nooitmeer’
neem je veel te vlug
steeds meer beetjes afscheid,
er is geen weg terug.
Wat was is daar verdwenen,
wat rest blijft nog maar kort.
Daar leef je van momenten,
wat ook steeds minder wordt.

In het land van ‘Nooitmeer’
is geen perspectief.
Het draait daar om berusting,
dat is het leidmotief.
Je leert er acceptatie,
protest helpt je geen fluit.
Vooruitgaan is geen optie,
je gaat er achteruit.

In het land van ‘Nooitmeer’
ben je machteloos,
alles gaat zoals het gaat,
ook al word je boos.
Al huil je dikke tranen,
al word je depressief,
al ga je marchanderen,
het helpt geen moederlief.

In het land van ‘Nooitmeer’
komt iedereen terecht,
als je los moet laten,
waaraan je bent gehecht.
Maar daar is ook de liefde,
die je beleven mag.
Grijp die met beide handen
en pluk daarmee de dag.

© Hans Cieremans

 

de zeepbel

‘t Leven lijkt soms op een zeepbel,
voortgedreven door de wind.
Die zacht deinend op een briesje
kwetsbaar, broos zijn einde vindt.
Kleurloos is hij snel verdwenen,
als hij in de lucht vervaagt
en in druppeltjes uiteen spat
als de wind hem niet meer draagt.

Ook jouw leven was een zeepbel,
want de plannen die jij had,
zijn zoals een tere zeepbel
abrupt uit elkaar gespat.
Al je kleur heb je verloren,
die weerkaatste in het sop.
Maar de druppels die jij nalaat,
vang ik heel zorgvuldig op.

Want die druppels zijn de tranen,
die ik met jou heb gedeeld.
Ik bewaar ze tot ze droog zijn,
als de wond zich langzaam heelt.
Zie ik dan een zeepbel dansen,
die in ’t luchtruim kleurrijk zweeft.
Dan zie ik jou in gedachten,
een symbool dat verder leeft.

© Hans Cieremans