Joost kan het weten

Als je ouders overlijden
en je bent nog maar een kind,
gaat het niet bij Eu-ro-pa-pa
om succes, roem, of je wint
Want succes worden dan tranen,
winst en roem zijn relatief.
Liefde telt bij Eu-ro-pa-pa,
want die is ontzettend lief.

Als je ouders overlijden
en je bent nog maar een kind
ben je boos en ook verdrietig
kom je onder vreemd bewind.
De muziek kan je dan troosten,
want de vreugde van een lied
brengt je door Eu-ro-pa-pa,
waar je tranen minder ziet.

Als je ouders overlijden
en je bent nog maar een kind
zing je voor je Eu-ro-pa-pa,
want je voelt: ‘muziek verbindt’
Maar als bobo’s niet begrijpen,
als het gaat om macht en geld,
zien ze geen verdriet en woede,
want dat noemen zij ‘geweld’

Als je ouders overlijden
en je bent nog maar een kind,
moet je verder in het leven
waar je tegenslagen vindt.
Daar win jij het van de bobo’s,
Eu-ro-pa-pa dat is een hit,
is meer waard dan twaalf punten
en de rest is enkel shit.

©Hans Cieremans

Multi myeloom

Chemo of een transplantatie,
hoge eiwitconcentratie,
diarree of obstipatie,
Lena, Dexamethason.
Trombocyten, plasmacellen,
duizend vragen om te stellen,
toekomst is niet te voorspellen,
onbegrepen vakjargon.

Lichte ketens, stapels pillen,
minder eetlust, handen trillen,
ziektebeeld met rare grillen,
wazig zien, neuropathie.
MRI, CT-scan, botpijn,
elke dag opnieuw weer moe zijn,
en nog meer van al die ongein,
moeilijk plassen, anemie.

Doelgerichte therapieën,
vreemde soorten allergieën,
kans op koorts en embolieën,
het lijkt wel een boze droom.
Het knaagt aan mijn zelfvertrouwen,
waar ik aan moet leren bouwen,
maar dat blijft me soms benauwen,
ik heb Multi-Myeloom.

Dus ook ik heb duizend vragen
en ik heb genoeg te klagen,
’t is een last die ik moet dragen
dat is best een hard gelag.
Maar ik wil nog heel lang leven
en daar blijf ik ook naar streven,
want ik weiger op te geven,
daarom pluk ik elke dag.

© Hans Cieremans

Open vraag

Zal er echt een hemel wezen,
waar je heen gaat na je dood?
Is er ook een hel te vrezen
of acht je die kans niet groot?
Of zeg jij: ‘Wat is dit onzin,
na de dood is er echt niets’.
Of ben je vervuld met twijfel:
‘Ja, ik denk, er is wel iets’.

Niemand kan het ons vertellen,
’t is een kwestie van geloof.
Voer voor dominees of priesters,
humanist of filosoof.
Maar ook zij weten niets zeker,
wat er ook wordt toegejuicht.
Deze vraag blijft eeuwig open
zelfs al zijn ze overtuigd.

Mensen zoeken naar een houvast,
in de Bijbel of Koran,
boeken van reïncarnatie,
in een ander aards bestaan.
Hoe wij mensen dan ook denken,
’t is blijft een groot geheimenis.
Maar wat we wel zeker weten
dat ’t leven een groot wonder is.

© Hans Cieremans

‘Vreugde’ en ‘Verdriet’

‘Waarom laat jij mensen lijden?
‘vroeg de ‘Vreugde’ aan ‘Verdriet’.
‘Waarom wil je mensen pijn doen?
Mensen zien je liever niet’.
‘Weet je’ zei ‘Verdriet’ verdrietig
‘’k Trek me jouw kritiek wel aan,
maar als ik er niet zou wezen,
dan zou jij ook niet bestaan.

En de mensen pijn doen,
dat doe ik echt niet expres.
Dat hoort bij mij en voor mensen
ben ik een wijze levensles’.
Het ‘Verdriet’ moest toen hard huilen,
‘Vreugde’ wist niet wat hij zag,
‘Ach, ‘Verdriet’ ik kan je helpen,
kijk naar mij en zie mijn lach’.

‘Vreugde’ kon ‘Verdriet’ goed troosten
en zei: ‘Wat je zegt is waar,
samen hebben wij bestaansrecht
en we horen bij elkaar’.
Bij ‘Verdriet’ kwam toen een glimlach
dwars door al zijn tranen heen.
Hij zei: ‘Vreugd ik heb je nodig,
want ik kan het niet alleen’.

Ze zijn met elkaar verbonden,
door en lach of door een traan.
Geven mensen levenslessen,
die geen mens ooit kan ontgaan.
Tranen worden ‘Vreugdetranen’
als je ze de ruimte geeft.
Komen samen in herinn’ring,
die bij ‘Verdriet’ en ‘Vreugde’ leeft.

© Hans Cieremans

de glimlach en de traan

Achter de glimlach van herinneringen,
schuilt vaak een heel groot verdriet.
Tranen wil je voortdurend verdringen,
je wilt liefst dat niemand het ziet.
Maar naast de tranen is glimlach aanwezig,
die maakt je herinnering fijn.
Wat ooit geluk schonk, dat houdt je dan bezig,
de glimlach verzacht ook je pijn.

Achter de glimlach van herinneringen,
schuilt vaak een heel lang verhaal.
Daarbij is de glimlach niet te bedwingen,
die glimlach is meer dan normaal.
Je denkt aan de vreugde, die jou werd gegeven,
de glimlach wint dan van de traan.
Dat was om al het moois in je leven,
dat moois blijft voor altijd bestaan.

Achter de glimlach van herinneringen
schuilt vaak een heel leven lang.
Mensen die kwamen en mensen die gingen,
zo gaat het leven zijn gang.
De traan en de glimlach zijn altijd verweven,
de glimlach bestaat naast de traan.
Beiden behoren zij in ieders leven,
het hoort bij ons aller bestaan.

© Hans Cieremans

Ons grote ‘eigen gelijk’

Iedereen heeft eigen hokjes,
daarin zit zijn ‘eigen kijk’,
en we worden graag bevestigd
in ons eigen ‘groot gelijk’.
Ja, we horen wel de ander,
maar we luisteren heel slecht,
want de waarheid zit in ‘t hokje
zoals ‘ik’ het heb gezegd

En zo vormen zich de balkjes
langzaam in ons eigen oog.
En we eisen ons gelijk op
in een gloedvol scherp betoog.
Want we willen overtuigen.
‘t ‘Groot gelijk’ aan onze kant.
Wat de anderen beweren
is de waarheid uit verband.

Onze hokjesgeest wordt harder,
maar we hebben het niet door,
dat de balkjes balken worden,
daar hebben we geen ogen voor.
Wel willen we splinters halen
uit de oog van d’ anderman.
En de balk in eigen ogen,
nou daar zien we zelf niks van.

Maar ga eens met eigen hokjes
zomaar voor een spiegel staan.
En probeer oprecht te kijken
zie je wat is misgegaan?
Stap eens uit die eigen hokjes
het geeft je een ‘frisse kijk’.
Dan zal je tot verrassing merken:
‘Een ander heeft soms ook gelijk’.

© Hans Cieremans

 

troosten

Duizend woorden zijn te weinig,
maar één woord is al teveel,
om gevoelens uit te drukken,
die ik zo graag met je deel.
Woorden die ik uit wil spreken,
schieten hier en nu tekort.
En ik zou ook echt niet weten
of het daardoor beter wordt.

Daarom kan ik beter zwijgen,
sla mijn arm maar om je heen.
Delen we de tranen samen,
ook al voelt dat ook ‘alleen’.
‘k Zou je zo graag willen troosten,
bij je angst, verdriet en pijn.
Jij moet deze weg alleen gaan,
‘k kan er enkel voor je zijn.

‘k Zie de wanhoop in je ogen
‘k zie je hulpeloze blik.
‘k Droog de tranen in je ogen
als je mij vraagt: ‘Waarom ik?’
Maar het antwoord blijf ik schuldig,
vraag me af: ‘Is er een God?’
Maar dat voedt alleen mijn twijfel,
’t blijft de speling van het lot.

Als je ’t lot eens kunt aanvaarden,
kan het ook ‘bevrijding’ zijn.
Vrij van angsten en van tranen
en van uitzichtloze pijn.
Geef mij jouw herinneringen,
ik bewaar ze heel apart,
zonder woorden, vol met liefde
zijn wij ‘samen’ in mijn hart.

© Hans Cieremans

ongeneeslijk, maar wel behandelbaar

De dokter zei mij: ‘Het is ongeneeslijk,
behandelen kan ik nog wel.
Ik zie dat u schrikt, het klinkt ook wel vreeslijk,
er is geen kans op herstel.
Maar met mijn behandeling kunt u ook leven,
al moet dat dan wel aangepast.
Zo kan ik u, hoop ik, wat extra tijd geven
Kop op hoor, dan lukt het u vast’.

Ik stond weer buiten, de boodschap kwam binnen,
dit had ik niet zomaar verwerkt.
Uiteindelijk zal ik de strijd niet gaan winnen,
het leven is voortaan beperkt.
Psychische en ook fysieke problemen,
bijwerkingen zijn er volop.
Zo wordt mijn leven, zo moet ik het nemen
dus ’t is niet zo gek dat ik tob

Opgeven dat is echter geen optie
het leven biedt nog kwaliteit.
Hoewel ik tegen het ziek-zijn flink opzie,
wil ik wat ik liefheb niet kwijt.
Ik ga het gevecht aan, met pieken en dalen,
omdat ik niet zomaar opgeef.
Ik wil nog van alles uit ’t leven gaan halen,
om dankbaar te zeggen: ‘IK  LEEF’

©Hans Cieremans

gemengde gevoelens

‘k Zie je kijken, maar ik twijfel
of je mij ook werk’ lijk ziet.
Je zit enkel maar te staren,
je herkent mij denk ik niet.
‘k Raak je aan, geef je een knuffel,
jouw reactie blijft dan uit.
Jij leeft in je eigen bubbel,
waar ik steeds vaker op stuit.

Je kunt horen, want dat merk ik,
maar je luistert ook niet meer.
Wat ik zeg wordt niet begrepen,
dementie, het doet zo zeer.
Het heeft jou zo snel veranderd,
jij bent niet meer wie je was.
Zelfs je glimlach is verdwenen,
het lijkt meer op een grimas.

Hoe kan ik je nog bereiken?
voel jij ook mijn zelfde pijn?
Ik weet niet meer wat ik doen kan,
‘k kan er enkel voor je zijn.
En soms lijkt ‘er zijn’ ook zinloos,
want je bent al zover heen,
Samenzijn voelt heel verdrietig.
Samenzijn voelt heel alleen.

Het is allemaal zo droevig.
O ja, liefde blijft bestaan.
Daarom laat ik jou nooit vallen,
en probeer ik door te gaan.
Maar ’t is soms niet vol te houden,
loop ik tegen muren op.
Dementie dat raakt ons beiden ,
‘t zet ons leven op zijn kop.

Maar we moeten ermee dealen,
‘t is een onomkeerbaar feit.
Maar wat gek hè, ondanks alles
wil ik jou toch ook niet kwijt.
Als je mij dan vraagt: Waarom niet,
want het doet alleen maar pijn?
Dan heb ik toch maar één antwoord:
‘Dat moet echt de LIEFDE zijn’.

© Hans Cieremans

de toekomst

‘De toekomst’  verdampt in een schimmige nevel,
waarin ‘het verleden’ herleeft.
Een bron van frustratie, van angst en van wrevel
die vaag slechts herinnering geeft.

Maar tussen ‘toekomst’ en ‘het verleden’
ligt ‘hier en nu’ als een kans
om te genieten,  om goed te besteden
geef daarmee het ‘hier en nu’ glans.

Dat ‘hier en het nu’, dat vluchtig voorbij gaat,
kent soms een helder moment.
Sporadisch een glimlach, waar tijd even stil staat,
als ‘hier en nu’ wordt herkend.

Een helder moment, heel even, kortstondig
houd het goed vast en bemin
Voel dan de liefde, zo dierbaar, hartgrondig,
het geeft ‘hier en nu’ levenszin.

De liefde is sterk, aan tijd niet gebonden,
breekt door in een wereld vol mist.
Oprechte liefde wordt nimmer geschonden
en wordt door de tijd nooit gewist.

‘De toekomst’  verschraalt, in de mist van vergeten
en dreigt in de tijd te vergaan.
Maar wat blijft is liefde, een zeker te weten,
de liefde blijft altijd bestaan.

© Hans Cieremans