woestenij2

De woestenij

Blijf bij mij,
als ik loop te dwalen, blijf bij mij,
houd  me stevig vast en blijf dichtbij
in deze woestenij.
‘k Zoek zo lang,
’t Is een jungle en dat maakt me bang,
ik ben radeloos, zo koud, zo moe.
‘k Wil hier weg, maar waar naartoe?

Ik weet niet meer waar ik ben,
omdat ik hier niets herken.
Ik leef in vergetelheid
en de tijd is kwijt en de tijd is kwijt.

En de weg is smal,
door een diep en onbegaanbaar dal,
waar ik niet weet waar hij heen gaan zal,
help mij naar de overkant.

Want het mist en ik ben ziek,
‘k ben alleen en in paniek.
Ik moet door, ik kan niet terug,
waar is nou die brug, waar is nou die brug?

Blijf bij mij,
als ik loop te dwalen, blijf bij mij.
houd  me stevig vast en blijf dichtbij
in deze woestenij.
‘k Zoek zo lang,
’t Is een jungle en dat maakt me bang,
ik ben radeloos, zo koud, zo moe.
‘k Wil hier weg, maar waar naartoe?

Ik weet niet meer waar ik ben,
omdat ik hier niets herken.
Ik loop in vergetelheid,
en de tijd is kwijt en de tijd is kwijt.

Blijf bij mij,
als ik loop te dwalen, blijf bij mij,
houd  me stevig vast en blijf dichtbij
in deze woestenij
‘k Zoek zo lang,
’t Is een jungle en dat maakt me bang,
ik ben radeloos, zo koud, zo moe,
‘k Wil hier weg, maar waar naartoe?

Blijf bij mij,
als ik loop te dwalen, blijf bij mij,
tot de brug leidt naar de overkant
Want ik weet ,daar ben ik vrij,
want ik weet, oh ik weet,
daar ben ik vrij.

© Hans Cieremans