zeepbel

de zeepbel

‘t Leven lijkt soms op een zeepbel,
voortgedreven door de wind.
Die zacht deinend op een briesje
kwetsbaar, broos zijn einde vindt.
Kleurloos is hij snel verdwenen,
als hij in de lucht vervaagt
en in druppeltjes uiteen spat
als de wind hem niet meer draagt.

Ook jouw leven was een zeepbel,
want de plannen die jij had,
zijn zoals een tere zeepbel
abrupt uit elkaar gespat.
Al je kleur heb je verloren,
die weerkaatste in het sop.
Maar de druppels die jij nalaat,
vang ik heel zorgvuldig op.

Want die druppels zijn de tranen,
die ik met jou heb gedeeld.
Ik bewaar ze tot ze droog zijn,
als de wond zich langzaam heelt.
Zie ik dan een zeepbel dansen,
die in ’t luchtruim kleurrijk zweeft.
Dan zie ik jou in gedachten,
een symbool dat verder leeft.

© Hans Cieremans