rolstoeldans4

Rolstoeldansen

Als het woensdagmiddag is,
zit zij om twee uur klaar.
Dan gaat ze naar de rolstoeldans,
een dochter gaat met haar.
De oudjes zitten in een kring
en de muziek gaat aan.
Ze klappen op het ritme mee,
voordat ze dansen gaan.

Ook moedertje is in haar sas,
heeft zelfs een beetje sjans.
Want meneer, die naast haar zit
vraagt moederlief ten dans.
Ze rollen samen door de zaal
genieten volop zo.
Net als vroeger, weet je wel,
zo ging dat ‘quick, quick slow’.

Af en toe een rustmoment,
een liedje tussendoor.
Wat krakerig, maar heel spontaan,
zingt het bejaardenkoor.
Dan komt er een versnapering,
een glaasje advocaat.
En voor je ‘t weet is het voorbij.
‘Ach, is het al zo laat?’

Dan komt ze op haar kamer terug
en dochter zei: ‘t Was feest’.
En moeder keek verbaasd naar haar:
‘Ik ben niet weg geweest’.
Ze is het snel vergeten,
want haar moeder is dement.
Maar mensen zoals moedertje
genieten van ‘t moment.

┬ę Hans Cieremans